• Linde

Wow! Vier Kinderen. Kroniek van de Ontdekking van de Zwangerschap tot Nu

Bijgewerkt op: okt 6

Ofte waarom kinderen krijgen intrinsiek goed is


Half november verwacht het team Ons Thuis zijn vierde kindje. Hoewel kinderen volgens mij niet ‘gepland’ kunnen worden, druiste deze zwangerschap nogal in tegen onze beramingen/strategieën/ontwerptekeningen. In deze blog vertel ik het verhaal van de ontdekking tot nu.




Begin maart 2021: baby Edward is vijf maanden geworden. Vijf maanden huilbaby hebben zijn tol geëist. De nachten zijn nu draaglijk, maar overdag blijft deze kabouter bijna voortdurend huilen en slaapt hij bijna niet. Het reservoirtje mentale draagkracht bij de moeder voor dit alles is leeg. We hebben net de stap gezet om voor een tijdje beroep te doen op een onthaalmoeder om de situatie te keren. Sinds een week of twee is er daarom een béétje ademruimte in ons gezin.


Gedurende de saga van de afgelopen maanden zijn er weinig vrienden aan wie we niet grappend hebben meegedeeld dat drie kinderen in minder dan drie jaar tijd toch wat veel was, en plechtig verkondigd hebben dat we toe zijn aan een ‘babypauze’.


Ook mijn ouders in Izegem drukken we dat beruchte weekend nog op het hart dat een nieuwe baby ZEKER nog niet voor direct is.


Door alle miserie met reflux en kolven en nachten beginnen opdelen om een slaapprobleem te voorkomen, … was mijn vruchtbaarheid evenwel uitzonderlijk snel teruggekeerd, reeds na een tweetal maanden. We bereidden ons dus voor op het beoefenen van nfp voor een lange periode en ik laadde mijn kasten vol met hygiënische attributen voor maanden ver.


*nfp, of natural family planning, is het gebruik maken van onvruchtbare periodes in de vrouwelijke cyclus, namelijk die aan het begin en aan het eind van de cyclus, om een zwangerschap te vermijden. Het is een Catholic-proof alternatief bij ernstige redenen om een zwangerschap uit te stellen voor (en moreel gezien van geheel verschillende aard dan) anticonceptie.


Maar plots was er een cyclus die ‘anders’ was dan alle cycli die ik had gehad sinds het tracken ervan op een cycluskaart. Met tekenen die wezen op een veel vroegere ovulatie dan normaal.** Zenuwachtigheid regeerde, en er werden veel grappen gemaakt om onze angst te kanaliseren. Ik deed een zwangerschapstest. Die was negatief.


Vier dagen later, een dag voor ik normaal ongesteld moest worden, dacht ik er plots aan dat ik voor alle zekerheid misschien beter nog een test deed. Want in het onmogelijke geval dat ik nu toch zwanger zou zijn, zou ik het best terstond weten, om dan zo snel mogelijk hormonen bij te nemen en me te laten begeleiden in het NaPro-traject om een miskraam voorkomen.


Er volledig gerust in, deed ik de test en liep naar boven om de kinderen aan te kleden (een gouden raad voor ouders in spe: sta nooit te staren naar het teststrookje tijdens de wachttijd, het is dodelijk voor uw hart). Na exact vijf minuten keerde ik terug naar het toilet om het testresultaat te bekijken – ik zag in mijn hoofd de gekleurde C-strook en de lege T-strook al duidelijk voor me toen ik de deur opendeed. Wat ik echter zag op de werkelijke test deed mijn hartslag pijlsnel de hoogte in schieten: een lichte maar onmiskenbaar aanwezige T-strook.


Sprakeloos liep ik naar boven en riep de echtgenoot even apart om dit onwerkelijke nieuws te melden. Ik denk dat we toen allebei zijn beginnen lachen.


**noot tussendoor: volledigheidshalve even melden dat er geen sprake was van een 'systeemfout' van de methode voor natuurlijke familieplanning.


Mijn eerste reactie: dit kan niet waar zijn. Is er iets wat we kunnen doen om de zwangerschap nog ongedaan te maken? Natuurlijk niet. Telkens de gedachte opkwam aan een nieuwe baby, en telkens Edward huilde die dag, bekroop me een onbehaaglijk gevoel en kon ik alleen maar denken: NEEN. Dit wilde ik echt niet. Als er nu iets moest worden gedefinieerd als slechte timing, zelfs een absurde timing, was dit het wel.


Goede zin voor humor heeft die God.


Voor ons huwelijk was het een vraagteken of ik wel vruchtbaar zou zijn. En hoe graag we ook kinderen wilden, we hadden ons al neergelegd bij het potentiële kruis van een kinderloos bestaan.


En nu kwamen de kinderen in vrachten onze kant op.


Ik lach ermee, maar dat besef dat kinderen een geschenk zijn, dat besef er geen ‘recht’ op te hebben dat me toen zo doordrong, wil ik nooit meer loslaten. Ooit wist ik niet of het mogelijk zou zijn om kinderen te krijgen en bad ik er iedere avond voor, ik legde ons lot in de handen van de Heer. Ik was zó gelukkig dat onze kinderwens werd vervuld. Het leek me te getuigen van een incoherente houding om er nu niet dankbaar voor te zijn. We vroegen een vinger, we kregen een hand…


Aan deze uitspraak van Kimberley Hahn heb ik me bijzonder opgetrokken de afgelopen maanden: in de Bijbel worden kinderen altijd als een zegen beschouwd. Wat een verschil met onze Zeitgeist, die kinderen als een last beschouwt; ook voor mij als kind van onze tijd is het een bekoring om het zo te zien, de kinderen druisen in tegen mijn verlangens, mijn comfort, mijn gezondheid, mijn goed gevoel. De diepste wortels van deze visie liggen volgens mij in het utilitarisme: alles wordt afgemeten aan het nut dat het heeft. Er zijn geen dingen meer die intrinsiek goed en mooi zijn, ongeacht hun begeleidende omstandigheden.


Dat is een idee dat het geloof me heeft bijgebracht: nieuw leven is intrinsiek goed en mooi. Voor ik katholiek werd, was het voor mij immers geen evidentie dat kinderen ter wereld brengen intrinsiek ‘goed’ is. Hangt dat niet af van de omstandigheden, van onze eigen wens, van de economische en mentale draagkracht van de ouders, of van onze ecologische voetafdruk?


In het christelijk geloof spreekt het voor zich dat kinderen krijgen moreel 'goed' is. Waarom? Het is de hoogste graad van creativiteit. Het is het doel zelf van de aantrekking tussen man en vrouw. Elk kind dat op de wereld wordt gezet is een nieuwe ziel die God kan genieten in de hemel. Een extra kind krijgen kan niet moreel ‘slecht’ zijn, zelfs al zijn de omstandigheden niet optimaal.


En dus is de grap dat ik me nog nooit zo dankbaar heb gevoeld voor een nieuwe baby als nu.

Vier kinderen… VIER KINDEREN! Ik kan er nog steeds niet bij.



Spontaan moment na het ontbijt waarbij Ronan Keating op de radio was en mama en papa begonnen te slowen. En Theodoor dus ook met Mathilde. Hiervoor doe je het, toch?


Komt er nog bij dat ik het nieuwe leven de eerste weken tussen haakjes zette omdat ik niet wist of mijn lichaam het zou ondersteunen, want ik had zoveel buikpijn dat het leek alsof mijn menstruatie elk moment kon komen. Na enkele weken is die pijn gestopt… tot aan mijn eerste covid-vaccin in juni, waarna ik maandenlang ie-de-re dag met onderbuikpijn kampte. De vrees voor een miskraam was met andere woorden weer zeer reëel deze zwangerschap. Maar kijk, intussen ben ik 33 weken ver geraakt, dankzij een opnieuw schitterende NaPro begeleiding. Waarvan de pijlers waren: hormonale ondersteuning en strenge rust, rust en nog eens rust (zowel fysiek als mentaal). Wat een hoopje kunst-en-vliegwerk van de bovenste plank vereiste (april bijvoorbeeld: de maand waarin Edward zijn eerste tandje kreeg, iedere nacht tussen de vijf en de twaalf keer opstaan). Maar ook de Voorzienigheid doet zijn werk, en de opvang van onze jongste bij een onthaalmoeder kwam gewoon ideaal uit.



Mijn bloggende zelf. Eens de 30 weken-drempel voorbij, kan ik me verwachten aan dagelijkse grappen over de gelijkenissen tussen mezelf en een tent. Danku echtgenoot.


Dat gevoel van dankbaarheid neemt niet weg dat we met een hoop vraagtekens blijven zitten. Onze Edward slaapt nog maar sinds een maandje door. Alles is hier nog maar pas in zijn plooi gevallen, de rust wat wedergekeerd, een ‘definitieve’ voorspelbaarheid aangebroken na dat eerste altijd hobbelige babyjaar… Hadden we dit liever aangewend om grondig uit te rusten? Ja. Of het gaat ‘lukken’ met de nieuwe baby? Durven we niet zeggen. Opnieuw reflux, huilbaby, borstvoedingsproblemen, dit alles met drie andere kinderen in huis waarvan de jongste nog geen 14 maanden zal zijn…? We kijken echt met een bang hartje uit naar deze nieuwkomer. Telkens ik de straat hier oversteek en een bus zie passeren die naar het ziekenhuis rijdt, de bus die ik de weken na Edwards geboorte zó vaak heb genomen, moet ik even slikken.


Een vriendin gaf me deze bespiegeling: “misschien gaat deze baby een nieuw evenwicht brengen in jullie gezin”. Origineel, en het stak me een hart onder de riem. We zijn alvast heel blij dat we opnieuw een meisje mogen verwelkomen in ons gezin – ik had niet gedacht dat het me nog te beurt zou vallen.


Het is een meisje!

Edward, de baby die alles te vroeg wilde doen: geboren worden, kruipen, tanden maken, uit een beker drinken in plaats van uit een flesje, stappen.


Ik sluit deze blogpost af met twee bekentenissen die me van het hart moeten.

  1. Ik heb een asymmetrische buik. Vooral tijdens de bevalling is het geen gezicht: een bergje langs de rechterkant en een dalletje langs de andere kant.

  2. Na vier zwangerschappen is de anatomie van baby-in-buik me nog steeds niet duidelijk. Slaagt er iemand in een onderscheid te maken tussen bewegingen van voetjes, elleboogjes, handjes, rugjes en hoofdjes? Ik heb me eens gewaagd aan het vergelijken van bewegingen van de baby post-bevalling met die van de baby pre-bevalling in utero. Ik kwam tot de conclusie dat de baby die in mijn buik zat absoluut een andere was.

Tot binnenkort,

Linde


Heeft deze post je geholpen of aangesproken? Klik dan op het hartje. Doorsturen en delen is zeer gewaardeerd! Volg me op instagram en facebook.




496 keer bekeken1 reactie

Recente blogposts

Alles weergeven