Avonturen op de Homestead (Zomer 2026)
- Linde

- 6 uur geleden
- 7 minuten om te lezen
Ik moet een nieuwe categorie beginnen op deze blog. Homestead updates! Net zoals ik om de zoveel tijd updates geef over ons gezin (zouden onder de tag ‘humor’ moeten vallen), wil ik dat voor onze homestead doen. Er valt zoveel te vertellen!
Lees meer: 7 Redenen om te homesteaden (*een artikel dat ik dringend moet aanvullen, en nu uit de praktijk, want contact met dieren is volgens mij enorm deugddoend voor kinderen)

De kippenseriemoordenaar
Het meest in het oog springende was wel de onopgeloste kippenmoorden. Er loopt een seriemoordenaar rond in de Vlaamse Ardennen. We hebben zijn species nog niet kunnen identificeren; onze rotsvaste overtuiging was dat het een vos moest zijn, waarna we switchten naar een marter, om overtuigd te geraken dat het een buizerd of havik was, om terug te keren naar de hypothese vos.
Nicole, Jeanette en Emilia sneuvelden in die volgorde van kip op gruwelijke wijze. (Mijn dochter merkte op dat het niet vreemd was dat de witte kip als laatste overbleef, zij heet immers Perpetua, wat altijddurend bleek in het Latijn.)
Met een ravage aan veren in het rond. De prooi zelf bleef onopgegeten liggen. De Chickenguard (automatisch hokkensluitsysteem) heeft niet mogen baten. De bloeddorstige moordenaar kwam zijn prooien immers toetakelen bij klaarlichte dag. Vaak wanneer we er een uur tevoren nog gepasseerd waren.
Het heeft mijn ziel diep geïmpregneerd. Ik vond die verborgen aanwezigheid van een killer vlak bij huis erg akelig, en plots zag ik de wereld als behuisd door woeste beesten. Ik nam me plechtig voor ons volgende baby’tje nooit onbewaakt buiten te laten, het mocht maar eens meegenomen worden in de klauwen van een havik.
Wat zou het niet geweest zijn als ik in een gebied met poema’s en beren was opgegroeid, zoals Laura Ingalls Wilder…

De indruk was zodanig diep dat het me de volgende nacht niet los liet. We hadden na de dood van de derde kip onmiddellijk het kippenhok verplaatst naar een ruimte aan de voorkant van ons huis (een ideetje van de buurman). Onze slaapkamer – op het gelijkvloers – geeft uit op die ruimte, wat ideaal is voor een herderinnetje dat ’s ochtends vroeg als eerste haar kippetjes wil zien. Die eerste nacht waren we er als de dood voor dat Perpetua alsnog het leven zou laten. We sliepen met de ramen open, want het was erg warm. In het midden van de nacht hoorden we plots een luid beestengekrijs. Mijn echtgenoot begon onmiddellijk uit het raam te roepen ‘stop stooooop!’. Als die vos ook maar een greintje politesse heeft zou hij hierdoor wel ophouden met afslachten zeker. In ieder geval, ik sprong uit bed en ging met een heel bang hartje naar buiten. Perpetua zat vredig te slapen op stok. Het was onze kat Lucienne die zich voor de zoveelste keer had overgegeven aan zinloos geweld op straat.
Lees meer: 1000 hours outside, onze eerste vier dagen
De nieuwe kippenweide aan ons slaapkamerraam is thans af, en heeft drie nieuwe bewoonsters: Bernadette, Germaine en Rita. De eerste dag werden ze weggepest door Perpetua. Maar sinds deze besloten heeft slakken uit te broeden (ze is al twee weken broeds en weigert haar broedplaats te verlaten, hoewel ze geen eieren meer legt), laat ze haar nieuwe kotgenoten begaan. Hopelijk hebben we snel eieren.
Biggen
Sinds 6 juli hebben we twee biggen. Piétrain varkens, een ras uit Geldenaken. Ze zullen bij ons blijven tot rond begin december. Vanaf daarna kan je ze een laatste groet brengen als stukjes op ons bord.

We doopten ze Klompertje en Katrientje. Naar het liedje van de Tierlantijntjes waar we ons al veel mee geamuseerd hebben in de homeschool (met een uitbeeldende act):
Klompertje en Katrientje, die moesten vroeg opstaan
Om eitjes te verkopen, en naar de markt te gaan
Trala trala tralala, tralalalalalala
Ze waren halverwege, halverwege den dijk
Ze braken al hun eitjes en Klomper viel in ’t slijk
Trala trala tralala, tralalalalalala
Nomen est omen : misschien hebben we Kompertje toch kwaad aangedaan met zijn naam, want de arme big is zijn staart kwijt, was al op de tweede dag megaverbrand (het zielig beestje was nog nooit buiten een schuur geweest, hoewel hun weide een waar paradijs is met voldoende schaduw – maar modderpoelen maken is voortaan dus de boodschap) en krijgt geen haar.
Ze zijn even hyperactief als mijn derde kind en vreten als geen ander. Ik verbaas me erover.
Trouwens: was ik vorig jaar nog getraumatiseerd door de overweldigende fruitoogst, dit jaar lijkt dat een stuk meer mee te vallen omdat alles wat niet verwerkt geraakt (wat ongeveer 90% zal zijn), sowieso naar de biggen gaat. Goede voederconversie toch, niet?


Konijnen
De samenvatting van ons experiment met vleeskonijnen vorig jaar: we kregen een bevruchte voedster van een sympathieke boer uit de buurt, doopten haar Mia, hadden nog niet de vereiste infrastructuur (lees weide) en het konijn vervolmaakte zich in de beroepsspecialiteit ‘ontsnappen’. Het at vervolgens negen van haar dertien jongen op, ik voelde me daardoor wel een betere moeder, en de rest ontsnapte ook zodanig vaak dat we de resterende konijnen aan het begin van de herfst maar vrij lieten.

Het was een tikkende tijdbom vooraleer Mia en haar enige resterende dochter (Martha) zich te goed zouden doen aan mijn dierbare moestuin dit voorjaar. Martha konden we al vrij snel vangen en in de nieuwe konijnenweide zetten. Helaas troffen we haar daar na twee dagen dood aan – overlijdensoorzaak onbekend. Er volgde een spelletje kat-en-muis met Mia, waarbij het overduidelijk was dat het konijn de sterkere diersoort is van het universum. Het beest liet zich niet vangen, en het had naast een verfijnde ontsnappingsskill ook een grondige haat voor mij ontwikkeld. Zelfs toen ik haar verwende met bloemkoolbladeren beet en gromde ze naar mij. Op een zondagavond heeft de echtgenoot haar dan kunnen vastgrijpen en in een plastic bak zetten. Bedankingscadeautje voor onze sympathieke boer-buur. Dit alles onder verschrikkelijk gegil van babyvreter Mia – waarom leren we onze kinderen dat konijnen ‘geen geluid maken’? Enfin. Ik was opgelucht, want die soap had me best stress gegeven.

Flashforward naar juli 2026, en de goesting is er volop om met konijnenkweek te beginnen. Deze keer met verstand van zaken. In een beschaduwde (perhola) en volstrekt onbenutte plek vlak bij ons huis zag ik een mooie woonplaats. Ik kocht twee maxi konijnenhokken, voor rammelaar en voedsters. Hopelijk zijn ze binnenkort af (ik beits ze en steek ze ineen zonder de hulp van de echtgenoot), zodat we enkele dieren kunnen aanschaffen. Bedoeling is ze eerst een jaar of wat te houden zonder voortplanting, zodat we de beestjes goed leren kennen. Wellicht kiezen we voor een klassiek ras zoals Californian of Reuzevlinder. We zullen de beesten zo vaak als mogelijk in de konijnenweide laten lopen, maar kleine dieren willen we in principe dicht bij ons hebben. Zeker de jongen later.
Yoghurt
Een ander wezen dat de dood vond op onze homestead is onze yoghurtcultuur. Zijn laatste rustplaats is de compost.
Hij was bijna twee jaar oud en bewees ons uitstekende diensten. Dikke kwabyoghurt.
Maar hij werd plots heel snel zuur en er ontstond gasvorming. Dat was het onverbiddelijke teken dat we afscheid van hem moesten nemen.
Ik las me in over bacterieculturen en fermentatie en we kozen voor een traditionele variant: streptococcus thermophilus, lactobacillus bulgaricus, en lacticaseibacillus rhamnosus. Direct goed resultaat, heerlijk dik en romig. Zal lekkere Griekse yoghurt geven. Ik paste ook mijn aanpak hier en daar aan. En ik gaf een lesje aan de vier jongste over hoe meneer Thermophilus en meneer Lactobacillus Bulgaricus melk omzetten in yoghurt: ze knippen lactose eerst ‘in twee’ en beginnen daarna te ‘ontbijten’, eten heeeeeel veel suikers en zetten die om in zuur.
(Heb ik al gezegd dat ik later workshops wil aanbieden voor traditionele skills?)

De moestuin
Ik heb niet veel tekens meer over om een blogpost op aanvaardbare lengte af te leveren… De moestuin 2026 in bullets dan maar:
Laat mee begonnen, omdat ik wachtte op de gunst van een sympathieke boer uit de buurt om het geheel te komen omploegen (eind april).
De volgende vier weken weinig gehomeschoold en hard aan de infrastructuur van ‘het veld’ gewerkt.
De indeling: twee rijen aardappelen, anderhalve rij courgettes (23 planten), een rij bloemen, een rij pompoenen (ook een 20-tal), een rij ajuinen, een rij wortelen, een rij voor de kinderen en een rij varia.
Highlights van het seizoen: alles groeit beter in het tuintje van de kinderen. De wortels heb ik gewoon uitgestrooid en uitdunnen bleek te veel werk, benieuwd wat dat oplevert. De ajuinen waren een fiasco. Ik wil een pottenpers kopen (een big scale exemplaar, uiteraard). De pompoenenoogst gaat gigantisch zijn. Het wordt heel de winter pompoenen vreten. Dat de rode kolen opgevreten waren door een groep rupsen vond ik niet erg want ik had toch geen tijd meer over om ze te verzorgen. En de courgetten gaan bijna allemaal naar de biggen aangezien onze diepvriezer niet zo gigantisch groot was als ik gedacht had en na twee weken courgettenoogst al vol bleek te zitten.
Voor volgend moestuinseizoen heb ik grootse plannen om al vanaf november te beginnen, met mesten en aanleg van een groots aardbeienveld. Is zeker realistisch in combinatie met de verbouwing en een nieuwe baby eind november.
Toch twijfel ik iedere dag of vijf uur werk nu goed besteed is voor 1 venkeltje. Mijn echtgenoot verwijt me dat ik eerst op zoek ben naar een sluitend theoretisch filosofisch en theologisch kader vooraleer ik de homestead begin uit te bouwen.
Moestuin op respectievelijk 10 mei en 2 juni:



Verlangens
Ik wil tallow (ossenwit) en roomijs leren maken. En een extra compostbak zetten – onze huidige compostbakken staan in het verhuurde gedeelte en ik wil heeeeeel organische compost, dus het moet binnen mijn controlefreakradius liggen. Zodat we kunnen leren mesten, voor de kippen en de zwijnen. (Wist je dat een van de meest gebruikte systemen de ‘potstal’ heet? Hilarisch vind ik dat.)
Tot binnenkort!
Linde




Opmerkingen